INTERVIEW

Deirdre Carasso van de Openbare Bibliotheek Utrecht

'IN TIJDEN VAN CORONA BLIJKT HOE BELANGRIJK DE BIEB IS'

Tekst Melle Bos Beeld Liesbeth Dinnissen

'WIJ WILLEN DE PLEK VAN ONEINDIG LEREN ZIJN, DAT GELDT OOK VOOR ONSZELF'

Deirdre Carasso staat sinds december 2020 aan het roer van de Openbare Bibliotheek Utrecht. Midden in een lockdown begon ze aan de uitdaging om zo veel mogelijk mensen te laten kennismaken met de bibliotheek. Omdat ze er als directeur van het Stedelijk Museum Schiedam in 2019 in was geslaagd de titel van ‘meest publieksvriendelijke museum’ binnen te slepen, waren de verwachtingen meteen hooggespannen. De berichtgeving rond haar opvallende overstap deed zelfs vermoeden dat ze de openbare bibliotheek kwam ‘redden’. Zelf ziet ze dat heel anders.

'De bibliotheek hoeft helemaal niet gered te worden’, verklaart Carasso stellig in haar kantoortje op de tweede verdieping van het monumentale pand aan het Neude. In het voormalige postkantoor zetelt daar na een ingrijpende verbouwing de hoofdvestiging van de Utrechtse Openbare Bibliotheek. Alleen het schitterende gebouw is een gang naar de bibliotheek al meer dan waard. Dat het voormalige laagdrempelige postkantoor is omgetoverd tot het onderkomen van honderdduizenden boeken die voor iedereen zijn te raadplegen, staat symbool voor de metamorfose die de openbare bibliotheken ondergaan. ‘De bibliotheken in Nederland hebben zich de laatste tijd ontzettend verbreed. Waar het vroeger vooral draaide om het uitlenen van boeken, komt er nu een enorme maatschappelijk educatieve functie bij. We helpen dagelijks mensen met bijvoorbeeld hun computer- of taalproblemen. Iedereen kan hier terecht met allerlei vragen’, vertelt Carasso enthousiast. ‘Het is wel zo dat het aan de man brengen van de nieuwe rol van de bibliotheek nog meer aandacht verdient’, vervolgt de directeur. ‘Omdat veel mensen nu nog een ander beeld hebben van de bibliotheek. Dit heeft niks met redden te maken, maar met uitleggen en laten zien. Dat is nu mijn taak.’

Deirdre Carasso lijkt geknipt voor die taak. Dat heeft ze bewezen in Schiedam waar ze leidinggaf aan het Stedelijk Museum. Carasso wist daar het bezoekersaantal in korte tijd ruim te verdubbelen. ‘In Schiedam heb ik echt de kracht van een lokale gemeenschap leren kennen en ontzettend veel respect gekregen voor de vrijwilligers uit de buurt’, verwoordt Carasso de sleutel van haar succes. Ze veranderde het museum in een plek voor en door Schiedammers. Zo mochten Schiedamse scholieren een eigen tentoonstelling maken, organiseerde ze een bellypainting festival en nodigde ze kunstenaars uit om zich te laten inspireren door de stad.

GEZELLIGE MIX

Terwijl het Stedelijk Museum herrees tot een museum waar de stad weer trots op kon zijn, woonde Carasso zelf al die tijd in Utrecht. ‘Ik woonde hier al een hele tijd, maar ik merkte dat ik mij niet betrokken voelde bij mijn eigen stad', herinnert Carasso zich. ‘En dat voelde niet goed meer, ik wilde iets voor mijn stad doen. En tegelijkertijd wilde ik op een plek werken waar ik een grotere maatschappelijke impact kon hebben. Voor mij is dat de bibliotheek.’ En niet zomaar een bibliotheek. Het indrukwekkende gebouw in hartje Utrecht heeft een constante in- en uitstroom van mensen. Het nodigt uit om alle hoeken en gaten te verkennen. Eenmaal binnen in de imposante centrale hal is het een gezellige mix van studenten, kinderen en ouderen. Eigenlijk is zo’n beetje iedereen wel te vinden in deze huiskamer van de stad.

Het uitdragen van de maatschappelijke rol van de bibliotheek begint volgens Carasso bij het creëren van wisselwerking tussen de ‘bieb’ en haar directe omgeving. ‘Een bibliotheek verbinden met de stad is niks nieuws. Maar op zoek gaan naar een manier om samen met de stad de bibliotheek te maken, dat is wel een flinke verandering’, legt Carasso uit. ‘Maar aan de andere kant, als je kijkt naar de geschiedenis, dan zie je dat deze bibliotheek in 1892 door een groep burgers is opgericht. Die verbinding zit dus al in de oorsprong.’

LEVEN LANG LEREN

De feestelijke opening van de vestiging aan het Neude als vlaggenschip van de Utrechtse Openbare Bibliotheek zou in maart 2020 plaatsvinden, maar vanwege de lockdown bleven de deuren dicht. Pas twee maanden later kreeg het publiek toegang tot de tienduizenden boeken, tijdschriften en al het andere materiaal dat over meerdere etages staat uitgestald. Maar daar blijft het niet bij. Er wordt gestudeerd, gespeeld, ontmoet en al doende worden allerlei ervaringen opgedaan. ‘We willen met deze bibliotheek, en met alle andere vestigingen in de stad, een plek creëren waar werkelijk iedereen welkom is en iedereen een leven lang kan leren’, licht Carasso toe.

‘Tijdens corona blijkt meer dan ooit hoe essentieel een plek als de bieb is’, weet Carasso uit ervaring. ‘We zijn bijvoorbeeld een plek waar kinderen en jongeren komen om te studeren. Met name jongeren die thuis niet rustig kunnen leren vanwege allerlei omstandigheden vinden bij ons onderdak. Maar bij veel van onze wijkvestigingen zijn ook kleinere dingen enorm belangrijk, zoals bijvoorbeeld het printen en kopiëren. Daarom was het ook zo fijn dat de overheid ons beschouwde als een essentiële voorziening, want we zijn eigenlijk de enige gratis publieke ruimte in onze samenleving.’

Tekst wordt vervolgd onder de foto.

'DE COMPETENTIES VOOR MEDEWERKERS ZIJN BEHOORLIJK UITGEBREID'
'IK WILDE IETS VOOR MIJN EIGEN STAD DOEN'

DIGITALE INCLUSIE

Minister Van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap acht de maatschappelijke rol van de bibliotheek van essentieel belang. Dit resulteerde vorig jaar in een nieuw bibliotheekconvenant waarin de focus wordt gelegd op het bestrijden van laaggeletterdheid, het bevorderen van digitale inclusie en het stimuleren van persoonlijke ontwikkeling. Carasso onderstreept deze drie thema’s in haar plannen. ‘Met die thema’s hebben we al veel ervaring. Daarnaast streven we ernaar dat de bibliotheek een plek wordt waar je niet alleen kennis haalt, maar ook deelt. Ik ben ervan overtuigd dat veel stadgenoten zo best iets willen bijdragen aan de stad. Iedereen heeft zo zijn ervaringen en specifieke kennis. We gaan graag uit van de kracht van mensen, dus kom hier je expertise delen met anderen’, roept ze haar stadgenoten op.

‘Kijk, we leven nu in een tijd met ontzettend veel complexe vraagstukken’, concludeert de directeur. ‘Veel daarvan kun je simpelweg niet meer oplossen door er één expert naar te laten kijken. Ik denk dat je alle ervaringen en kennis uit verschillende hoeken van de samenleving moet halen en met elkaar moet combineren. Pas dan kom je tot nieuwe oplossingen en inzichten. En het mooie van de bibliotheek is dat alles hier samenkomt.’

BIJSCHOLEN

Met de gedaanteverwisseling van de bibliotheek verandert ook de functie van de bibliotheekmedewerker. Carasso geeft leiding aan 180 medewerkers en 160 vrijwilligers. ‘De competenties zijn behoorlijk uitgebreid de afgelopen tijd’, legt Carasso uit. ‘Er werken hier nog steeds echte bibliothecarissen, net als vroeger. Maar we hebben nu ook een maatschappelijk educatieve opdracht. Dat vraagt om andere vaardigheden. ’Het personeel moet tegenwoordig ook goed op de hoogte zijn van wat er zich allemaal om de bibliotheek heen afspeelt. Mensen komen ook naar ons toe met vragen over bijvoorbeeld de overheid of belastingen. Dat betekent dat we daar ook kennis van moeten hebben. We moeten op dat gebied veel bijscholen. Maar als wij die plek van oneindig leren willen zijn, dan geldt dat ook voor onszelf. Practice what you preach!

De uitbreiding van het takenpakket van de bibliotheekmedewerker speelt ook mee in de huidige onderhandelingen over een nieuwe cao voor de bijna zevenduizend medewerkers en 22.000 vrijwilligers van de openbare bibliotheken in Nederland. ‘Daarvoor verwijs ik je naar de Vereniging van Openbare Bibliotheken’, verschuilt Carasso zich achter een brede glimlach. ‘Gelukkig voeren ze die onderhandelingen centraal. Bibliotheken hebben zich de laatste jaren sterk ontwikkeld. Daar hoort een andere kijk op ons werk bij, meer flexibel en met meer participatie van burgers, zoals vrijwilligers', vervolgt ze. 'Daarnaast wordt de uitdaging steeds groter om een nieuwe generatie medewerkers aan te trekken en te boeien. Zij zoeken een flexibel arbeidsvoorwaardenpakket. Voor de een is opleiding belangrijk, voor de ander salaris. Ik hoop dat de nieuwe cao de bibliotheeksector ondersteunt in deze ontwikkelingen.'

KENNISBRONNEN

De bibliotheek van nu is dynamischer, uitnodigender en hulpvaardiger en niet meer het afstandelijke stilte-centrum van weleer. In de gang staat een enorm gouden kunstwerk waar kinderen op kunnen klauteren. Onder de roltrap staat een vleugel waarop een student zijn studerende medestudenten zachtjes toespeelt. Maar is er naast al deze ontwikkelingen nog wel plek voor het papieren boek? ‘Zeker!’, bevestigt Carasso zonder nadenken. ‘Dat is toch waar het allemaal begint, bij de 450.000 boeken die wij hier hebben staan. Al zijn er tegenwoordig natuurlijk ook allemaal andere kennisbronnen, je ziet de mensen toch weer teruggrijpen op boeken’, stelt Carasso. 'Of zoals de bekende schrijver Umberto Eco al zei: "Het boek behoort tot dezelfde categorie als de hamer, het wiel of de schaar. Eenmaal uitgevonden valt er niets meer aan te verbeteren".’

'WIJ HELPEN DAGELIJKS MENSEN MET HUN COMPUTER- OF TAALPROBLEMEN'

Deel deze pagina