FLEXIBILISERING

Enquête naar flexcontracten bij omroepen

OMROEPMEDEWERKERS SNAKKEN NAAR VAST DIENSTVERBAND

Tekst Jan Bos Beeld Martin de Bouter en Pexels

'DE ENQUÊTE BEVESTIGT WAT WE AL VERMOEDDEN'

Ruim 1 op de 3 medewerkers bij de publieke omroep heeft een tijdelijk contract. De meesten zijn daar helemaal klaar mee. Een uitgebreide enquête onder medewerkers toont dat zonneklaar aan. Ook voor Vakbond FNV is het langzamerhand welletjes. ‘Aan die voortdurende onzekerheid moet een einde komen’, stelt bestuurder Andrée Ruiters. Een oplossing ligt volgens haar binnen handbereik.

Een stagnerende loopbaan, een substantiële loonachterstand en het gevoel niet gewaardeerd te worden. Het zijn geen geringe problemen waar omroepmedewerkers met een tijdelijk contract mee tobben. En de voortdurende onzekerheid kan bovendien tot schrijnende persoonlijke situaties leiden. Jonge gezinnen kunnen een hypotheek wel vergeten en gezinsuitbreiding wordt op de lange baan geschoven. Dit beeld rijst op uit de enquête die de FNV onlangs onder de 3700 werknemers bij de publieke omroep heeft gehouden.

BALANS IS ZOEK

Een derde van de omroepmedewerkers heeft een tijdelijk contract. Een overgrote meerderheid van hen (85 procent) snakt naar een vast dienstverband, zozeer dat meer dan de helft (63 procent) uitkijkt naar een andere baan. ‘De enquête bevestigt nog eens wat we eigenlijk al vermoedden’, constateert Andrée Ruiters, bestuurder FNV Media & Cultuur. ‘Waar ik nog het meest van ben geschrokken is dat de omroepen alle risico’s van hun behoefte aan flexibiliteit rücksichtslos afwentelen op de medewerkers, de balans is helemaal zoek.’ Ruiters wil de enquête vooral aanwenden om met de omroepen het gesprek aan te gaan over mogelijkheden om de doorgeslagen flexibilisering een halt toe te roepen. ‘We willen niet blijven hangen in onvrede over de huidige situatie, daar komen we niet verder mee’, zegt ze. ‘In plaats daarvan willen we onze energie en creativiteit aanwenden om met oplossingen te komen. Daar hebben we concrete ideeën over.’

Een van die ideeën is het introduceren van een algemeen publieke omroep-arbeidscontract voor omroepmedewerkers. Een gedachte die gezien de dagelijkse praktijk voor de hand lijkt te liggen. Ruiters: ‘Medewerkers worden vanwege hun deskundigheid steeds voor een programma ingehuurd. Als dat programma eindigt, eindigt ook het contract en proberen ze de overstap te maken naar een ander programma. Waarom vervangen we al die tijdelijke contracten met verschillende omroepen niet door één algemeen vast contract met de publieke omroep? Binnen dat contract kan iemand dan steeds voor een ander programma worden ingeschakeld, voor welke omroep dan ook.’

Tekst loopt door onder infographic

'HET MOET ECHT ANDERS. ZO KUNNEN WE NIET DOORGAAN'

RESULTATEN ENQUÊTE

In totaal werken er, afgezien van zzp’ers, zo’n 3700 werknemers bij de publieke omroepen. Ruim een derde (35 procent) heeft een tijdelijk contract. Dat is veel te veel, zeggen 8 van de 10 mediamakers. Tweederde vindt dat een tijdelijk contract de doorgroeimogelijkheden beperkt en voelt zich bovendien minder gewaardeerd. Geen wonder dat ruim 60 procent het voor gezien wil houden en overweegt te vertrekken.

Bij een tijdelijk contract van meer dan een jaar loopt de achterstand in beloning op tot gemiddeld 17 procent ten opzichte van collega’s in vaste dienst.

Deelnemers aan de enquête pleiten voor strakkere regels, zodat sneller een vast contract wordt aangeboden. Dat kan mogelijk worden gemaakt door omroepen en programma’s ruimere budgetten toe te kennen. Brede steun is er voor de gedachte van een algemeen publieke omroep-arbeidscontract.

Klik hier voor meer resultaten of voor een pdf van de infographic.

60 PROCENT WIL HET VOOR GEZIEN HOUDEN

CAO-ONDERHANDELINGEN

Zo’n algemeen publieke omroep-arbeidscontract biedt in haar opvatting het beste van twee werelden. Enerzijds komt het tegemoet aan de behoefte aan flexibele inzet van medewerkers bij de omroepen en anderzijds biedt het die medewerkers veel meer zekerheid, met alle voordelen van dien. Over deze suggestie wil Ruiters bij de komende cao-onderhandelingen open van gedachten wisselen. ‘We zeggen niet dat dit de enig denkbare oplossing is, waar het ons om gaat is dat we het denken over een andere manier van werken op gang willen brengen. Want het moet echt anders, zo kunnen we niet doorgaan.’

In de gesprekken met de werkgevers over de nieuwe cao die eind september van start gaan, zal de FNV benadrukken dat de omroepen zichzelf met hun hang naar flexibiliteit in de vingers snijden. ‘Het schaadt uiteindelijk de kwaliteit van de programma’s wanneer je betrokken deskundige medewerkers niet aan je weet te binden’, meent Ruiters. ‘En gezien de krapte op de arbeidsmarkt moet je aantrekkelijk zijn voor nieuwe mensen, daar horen goede arbeidsvoorwaarden bij.’

In de strijd voor meer zekerheid in omroepland zal de FNV haar pijlen niet alleen richten op de werkgevers bij de publieke omroep. Ook de politiek is aan zet, vindt Ruiters. ‘We hebben het over publieke middelen, dus we gaan minister Slob ook op zijn verantwoordelijkheid aanspreken. De publieke omroep heeft tot taak om te zorgen voor een onafhankelijke nieuwsvoorziening. Daar heb je kritische programmamakers voor nodig. Wanneer je je steeds moet afvragen of je voor een volgende klus nog wel wordt ingehuurd ben je kwetsbaar en terughoudend bij het laten horen van een tegengeluid, dat schaadt de kwaliteit van de programma’s en bemoeilijkt daarmee het bewaken van de democratie.’

Lees hier een aantal persoonlijke ervaringen van omroepmedewerkers met een tijdelijk contract.

'OOK DE POLITIEK IS AAN ZET'

Deel deze pagina